zien Wij

Het leven in een legendarische ondergrondse stad

Bekijk Sluit

zien Wij

Fotograaf Tamara Merino ontdekte per ongeluk deze ondergrondse stad, waar mijnwerkers gepassioneerd zijn door de zoektocht naar edelsteen en hun families onder de grond wonen.

Datum
Auteur
Alexa Keefe & Mallory Benedict
Fotograaf
Tamara Merino

Coober Pedy, achthonderd kilometer van de dichtstbijzijnde stad, is groot, plat en dor. Fotograaf Tamara Merino kwam er per toeval terecht nadat ze een platte band kreeg op een roadtrip door de woestijn van Australië. Toen ze de omgeving verkende, ontdekte ze eigenaardige borden met opschriften als ‘Ondergrondse Bar’ en ‘Ondergronds Restaurant’. Toen kwam ze terecht in een ondergrondse kerk, met brandende kaarsen en aarde muren. Maar er was geen ziel te bekennen.

Kerkgangers wonen de zondagse mis bij in een ondergrondse orthodoxe kerk uit 1993. Foto: Tamara Merino

Tamara en haar vriend kampeerden vijf dagen in hun camper, zonder airconditioning en met de ramen dicht om giftige slangen en spinnen buiten te houden. “Dat waren lastige dagen,” vertelt Merino, “maar toen we de eerste mensen ontmoetten, bleek alles de moeite waard.” Op dag zes ontmoette het stel namelijk Gaby, een Duitse, die er al jaren woonde met haar man. Gaby nodigde het koppel uit om af te koelen bij haar thuis. 

Machines die worden gebruikt om de mijnen uit te graven, zorgen voor bergen stof op het oppervlak. Foto: Tamara Merino

Zo kwamen ze te weten dat het grootste deel van de bevolking van Coober Pedy onder de grond woont, in huizen die ze ‘dugouts’ noemen. “Ik kon het niet geloven toen ik door de deur liep,” zegt ze, “het was een grot!” Deze ondergrondse woningen beschermen de inwoners tegen de extreme temperaturen van de woestijn. Ze bestaan om dezelfde reden dat de stad bestaat: opaalmijnen. 

Goran Dakovic, een mijnwerker uit het voormalige Joegoslavië, zoekt naar een spoor van opaal tegen de muren. Hij heeft redelijk veel opaal gevonden in de drie jaren dat hij in de mijnen werkte. Foto: Tamara Merino

In 1915 werd hier edelsteen ontdekt. Dat leidde tot de mining boom: honderden mensen kwamen hierheen op zoek naar de waardevolle steen. De naam Coober Pedy is afgeleid van kupa-piti, zoals de aboriginals de gelukszoekers noemden. Letterlijk vertaald betekent het: ‘witte mensen in een gat’. De eerste gelukszoekers waren soldaten die waren teruggekeerd van de Eerste Wereldoorlog, die wisten hoe je uit het niets een dorp opbouwt. “Vroeger was het hier net het Wilde Westen”, vertelden de bewoners tegen Merino. “Mensen die opaal vonden, sliepen bij hun schat, met geweren om dieven af te schrikken.”

Opaal is een van de waardevolste edelstenen ter wereld. De prijs ervan varieert tussen de één en tien miljoen dollar, afhankelijk van type, kleur en gewicht. Foto: Tamara Merino

Intussen zijn er nog maar weinig mijnwerkers over. Niet veel jonge mensen hebben zin in het harde bestaan. Toch is nog steeds 70 procent van het wereldwijd verhandelde opaal afkomstig uit Coober Pedy. De industrie onderhoudt het stadje, samen met het toerisme.

Joe Rossetto, een immigrant uit Italië, woont onder de grond en stelt in een museum zijn eigen collectie stenen, fossielen, opaal en antiek (dat hij in de woestijn rond Cooper Pedy heeft gevonden) tentoon. Foto: Tamara Merino

De man van Gaby, Jürgen, nam Merino mee naar de mijn waar hij werkt. Ze zakten vijftien meter via een kabel. “Het duurde maar 45 seconden, maar het voelde als een eeuwigheid”, zegt ze. “Er zijn maar enkele lichten aan de ingang en als je met een zaklamp door het duister loopt, is het alsof je in een labyrint terechtkomt dat nergens naartoe leidt. Maar de mijnwerkers weten dat opaal ergens is, ze moeten het alleen vinden.”

“Hier zijn geen regels,” gaat ze verder, “iedereen werkt voor zich. Ze werken wanneer ze willen. En als ze iets hebben gevonden, vergeten ze hoe laat het daarboven is. Het is een erg ongewoon leven. Ze kunnen op een dag miljonair worden of jarenlang niks vinden.”

De Italiaanse immigrant Tony Tramaglino droomt ervan een luxueus huis onder de grond te bouwen. Hij heeft net als Joe Rosetto plannen om zijn eigen collectie opaal in een privémuseum tentoon te stellen. Foto: Tamara Merino

Wat Merino het sterkst is bijgebleven aan Cooper Pedy is de relatie tussen de mensen en het onderwerp van hun passie. “De plek leent zich perfect om er een nieuw leven te beginnen”, zegt ze. “Het opaal zit overal. Rijke mijnwerkers hebben mooie auto’s en grote huizen, ze houden enorme feesten voor al hun vrienden. Anderen hadden minder geluk. Die kwamen met grote dromen maar eindigen met niets. Er zijn er ook die miljoenen verdienden en daarna alles weer hebben verloren aan gokken of alcohol.”

Costa en Peter, Griekse mijnwerkers, kijken naar een mogelijk nieuw opaalgebied. Door de hoge temperaturen kunnen ze pas ’s avonds werken. Foto: Tamara Merino

“Wat me zo fascineerde, is hoe een simpele steen mensen zo veel geluk en zo veel miserie kan brengen. Ik moest die mensen gewoon ontmoeten en hun ondergrondse verhalen horen. Ik wilde er deel van zijn, en dat is me gelukt.”


Bekijk ook

Ads for you!

Beste bezoeker,

We zien dat je waarschijnlijk een adblocker of andere software gebruikt die onze banners ontregelt.
Dat vinden we jammer, hiermee missen we inkomsten voor onze site die we hard nodig hebben.
Merk daarom onze site als 'veilig' aan en volg deze instructies.

Dankjewel voor je tijd.
National Geographic Nederland/België

Sluiten